Waarom ik mij wel aansluit
De ideologische erfenis van de sociaaldemocratie komt nu samen met de groene idealen onder hetzelfde dak. Onder voorbehoud dat PRO lid wordt van de Partij van Europese Socialisten te plaatsen kies ik, met anderen, voor de overgang van het lidmaatschap van de Partij van de Arbeid naar Progressief Nederland.
De initiatiefgroep Rood Vooruit heeft de afgelopen periode uiting willen geven aan de zorg dat getalsmatig machtsdenken in een geforceerde GL-PvdA samensmelting de overhand kreeg boven de opgave om naar rechts uitwijkende of overstappende kiezers te willen begrijpen en opnieuw aan te spreken. En dat wel te doen in elkaar aanvullende samenwerking, maar niet door het opgeven van herkenbare rode of groene identiteit in plaats van het creëren van een pastelkleurig mengsel (zoals zichtbaar in het nieuwe logo van PRO).
De eenzijdige focus op het getal heeft links niet verder gebracht. Eerst was het in 2021 de zeer teleurstellende uitslag van beide partijen (9 PvdA, 8 GL) die de al vijftig jaar sluimerende Doornroosje van de “Progressieve Volkspartij” wakker kuste. Vervolgens leidde Frans Timmermans met zijn Europese Green Deal agenda én de wenkende belofte van de “grootste partij levert de premier” de beweging naar het beloofde land van “1+1=3”, maar dat viel in 2023 nogal tegen. Daaruit en vooral uit het verlies aan profiel op arbeid, sociaal, wonen, onderwijs en zorg (alleen van het thema “klimaat” mocht GL-PvdA zich “eigenaar” noemen) werden weinig overtuigende lessen getrokken. Dit herhaalde zich nog ingrijpender in 2025 – met 20 zetels, slechts 3 meer dan het historische dieptepunt vier jaar eerder. En toch zonder een moment van herbezinning in te lassen de proclamatie van “Progressief Nederland”, zonder “Volkspartij”.
Dit alles heeft veel van de zorgen bevestigd en stelt de nieuwe partij voor de urgente opgave om minder vanuit opportunistisch machtsdenken te acteren en meer en vooreerst vanuit verbindend vermogen weer steun te verwerven die uiteindelijk toegang geeft tot de macht. Het is echter te gemakkelijk om het te houden bij “we told you so”, daarvoor was het probleem van de Partij van de Arbeid na de vertrouwensbreuk met een deel van het trouwe electoraat in 2017 te groot.
Niemand heeft ook gedacht dat het eenvoudig zou zijn om de band met en tussen kiezers uit alle lagen van de bevolking in de traditie van de sociaaldemocratie duurzaam te herstellen. Er zijn door 130 jaar geschiedenis heen vele ups and downs geweest en al eerder botsten principes en goede bedoelingen met het doorleefd aanvoelen van wat “onze” kiezers beweegt. Toch bleef met vallen en opstaan tot aan de VVD-PvdA coalitie in Rutte-II sociaaldemocratische herkenbaarheid overeind. De breuk werd gesymboliseerd in de teruggang tot 9 zetels bij de Kamerverkiezingen in maart 2017 na ingrijpende bezuinigingen in het sociale domein en de hierop volgende tevreden presentatie van een begrotingsoverschot.
En ook was te begrijpen dat lang niet overal afdelingen nog voldoende steun en inzet konden mobiliseren en dat tijden van vroeger niet meer zouden terugkeren. Echter, met een ledenbestand van zo’n 40.000 leden was het niet direct nodig de noodtoestand af te kondigen en tegenover de relatieve vergrijzing van ledenbestand en electoraat mocht ook wel meer aandacht uitgaan naar het demografisch toenemend gewicht van de oudere én stemmende kiezer.
PRO staat nu in de steigers en de toekomst zal leren of met deze “doorbraak” opnieuw de brug kan worden geslagen naar bredere bevolkingsgroepen en naar het dragen van bestuurlijke verantwoordelijkheid in een land dat, behalve in 1998, altijd naar centrum-rechts overhelt, tot kapseizen aan toe.
D66 heeft in de campagne 2025 de stemming aangevoeld die toch nog ruimte bood voor versterking van het centrum, daarbij geholpen door een zich meer openstellend CDA. Een prestatie die ook aangeeft hoe GL-PvdA zich meer op het uitventen van eigen, nobele, idealen heeft gericht dan op het zich inleven in het gesprek met de kiezer aan hun “keukentafel” in de geest van de succesvolle Noorse premier Støre. Daar zal toch weer aansluiting moeten worden gevonden.
Biedt “Progressief Nederland” daarvoor ruimte en richting? Het beantwoorden van die vraag blijft ook inzet vragen van hen die vanuit sociaaldemocratische inspiratie de brug van links naar het midden willen herstellen en daarmee ook het midden sterker willen maken tegenover nationalistisch- en extreem-rechts. Om daaraan bij te kunnen dragen en gezamenlijk een vuist te kunnen maken is effectieve politieke organisatie cruciaal.
Nu besloten is de ideologische erfenis van de sociaaldemocratie samen met de groene idealen onder hetzelfde dak te plaatsen kies ik, met anderen, voor de overgang van het lidmaatschap van de Partij van de Arbeid naar PRO. Binnen dat huis zal en moet er debat zijn, meer dan in de aanloop naar de fusie, over grondslag en strategie – voor meer fundamentele onderbouwing en vergezicht dan vooral stellingname op onderdelen in de dagelijkse politiek.
Daarbij past het voorbehoud dat het nieuwe adres zal moeten worden ingeschreven bij de Partij van Europese Socialisten. Een besluit hierover is tot nu toe is vooruitgeschoven om te voorkomen dat het een het fusiefeest verstorende splijtzwam zou kunnen zijn. Maar het gaat ten principale om de vraag of Nederland volwaardig vertegenwoordigd blijft binnen de Europese sociaaldemocratie met de daarmee verbonden macht en invloed als een van de drie hoofdstromingen in de Europese politieke arena. Daar zou geen twijfel meer over mogen bestaan. Twijfel die markeert waarom, vanuit eenzelfde inspiratiebron, sommigen afscheid hebben genomen en anderen hebben besloten te blijven.