Waarom ik mij niet aansluit
“...Maar op de dag dat de PvdA wordt opgeheven en deel wordt van de voorgestelde nieuwe partij, verzoek ik je om mij uit te schrijven.” (Brief aan PvdA-partijvoorzitter Esther Mirjam Sent)
Garderen, 6 april 2026
Geachte voorzitter van de PvdA, beste Esther Mirjam,
De eindfase van de fusie GroenLinks-PvdA is begonnen. Tijd om de balans op te maken. Waar staan we en wat kunnen we verwachten? Bij deze fusie gaat het niet alleen over de komende vier jaar, maar mogelijk over de rest van deze eeuw. Vanuit dit lange termijnperspectief kijk ik naar het nieuwe beginselprogramma, de statuten en de reglementen. Wat voort soort partij komt eraan? Wat laten we achter ons en wat zijn de mogelijke gevolgen voor de politieke verhoudingen in ons land?
De contouren van de nieuwe partij gaan in de richting van een top-down beweging. We drijven weg bij de basisdemocratie, de ledendemocratie van onderop, ooit met elan neergezet in de PvdA. In de voorstellen verdwijnt invloed en zeggenschap van de lokale afdelingen en gewesten over het beleid van de landelijke partij. De controle van onderop op de landelijke partij wordt overgenomen door een Raad van Toezicht. Dat betekent afbreuk van een vitale ledendemocratie. Zeggenschap van de leden gaat in de toekomst voornamelijk via de digitale stemmachine. We weten uit de afgelopen periode wat dat betekent. Nog geen tien procent van de leden nam deel in de recente stemronde. En naarmate de participatie van leden steeds meer een individuele daad wordt verdwijnen de bronnen, de competenties die nodig zijn om het eigen verhaal - het narratief – gezamenlijk verder te ontwikkelen en vertellen. Op deze wijze verdwijnt relevantie van lokale zeggenschap, de bron van “all politics is local”” en van nieuwe ideeën en talent. De kracht van een partij komt niet alleen in het nationale parlement tot gelding, maar juist ook in alle delen van de samenleving waar daadwerkelijk wordt gewerkt aan het realiseren van haar ideeën en programma’s. De structuur waarvoor nu wordt gekozen biedt daarentegen de top van de partij veel ruimte en controle om te sturen. We hebben in de afgelopen tijd, tijdens het fusieproces gezien, wat dat betekent. De lijnen naar de toekomst werden uitgezet in een zogenaamde ‘cockpit”. Een kleine groep uit de top van beide partijen, die een allesbepalende invloed had op de gang van zaken. Daar werd de agenda opgesteld en de besluitvorming bepaald en gestuurd.
In een politieke partij is de structuur en zijn de spelregels in hoge mate bepalend voor de uitkomst. Het is voor mij onverteerbaar dat in de nieuwe partij, als voorbeeld voor het soort samenleving waarnaar wordt gestreefd wordt, niet is gekozen voor meer democratie en zeggenschap aan de basis. In de tekst van het beginselprogramma staat een regel over het ideaalbeeld van de samenleving “we brengen de macht terug waar die hoort: in handen van ons allemaal”. Ik zou zeggen, begin daarmee in eigen partij.
Ik heb mijn twijfel over een fusie GroenLinks /PvdA nimmer onder stoelen of banken gestoken. Daarbij speelt de voorgeschiedenis en het hierboven beschreven proces een belangrijke rol. De achterban is nooit bijeengehaald om zich te beraden op de neergang, Er is nooit goed onderzoek verricht naar de oorzaken van het verlies aan vertrouwen van onze kiezers. Daardoor kwam geen gedeelde visie op onze problemen, noch een aanpak voor de vernieuwing van onze sociaaldemocratische partij. Het project Van Waarde, ruim een decennium geleden, een pleidooi voor een fundamentele herwaardering van sociaaldemocratische waarden kwam niet van de grond. In dat vacuüm heeft de vertegenwoordiging in de Tweede Kamer het initiatief gepakt dat uiteindelijk heeft geleid tot een fusie met GroenLinks. De leden zijn daarbij marginaal en de kiezers en ex-kiezers helemaal niet betrokken. Alternatieven voor samenwerking met GroenLinks in plaats van een fusie zijn, ook na herhaaldelijk aandringen nooit in behandeling genomen. Het fusieproces wordt gekenmerkt door een sterke interne oriëntatie. Nut en noodzaak hebben mij in geen enkel stadium overtuigd.
Nog een paar opmerkingen over het resultaat wat op tafel ligt:
- de grondslag, de beginselen die het fundament vormen van de nieuwe partij
- aandacht voor de bron van bestaanszekerheid, een sterke en innoverende economie en zorg voor arbeid voor iedereen, de rechtvaardige markt
- wederkerigheid, de ruggengraat voor solidariteit
De betekenis van de grondslag van een politieke partij, de fundamentele waarden en de gedeelde visie op mens en maatschappij zijn als het fundament waarop een huis is gebouwd. Het zijn de waarden en de ideologische richting voor de lange termijn.
De PvdA kent een lange geschiedenis als een beginselpartij. Bestaansrecht en identiteit zijn steeds ontleend aan de vorming en evolutie van een politieke theorie. Daarin zijn beginselen als gelijkheid, vrijheid en verantwoordelijkheid, solidariteit en wederkerigheid, rechtvaardigheid met argumenten onderbouwd en uitgewerkt. Het zijn maatstaven voor concreet beleid en handelen, de kern van de sociaaldemocratie. Met een narratief dat verbindt en bemiddelt tussen sociale klassen en identiteiten, dat samenhang brengt in de veelstemmigheid en dat vooruitgang schetst en offers vraagt. Een heldere, eenduidige ideologie. Een bron van herkenbaarheid, geloofwaardig en niet vatbaar voor tweeërlei uitleg.
Maar het nieuwe beginselprogramma voorziet niet in deze opgave. Het is duidelijk een resultaat van onderhandelingen tussen twee partijen, waarbij kennelijk de eis van gelijkwaardigheid of nevenschikking – “sociaaldemocratisch en groen” - een zeer belangrijke rol heeft gespeeld. Maar leidt gelijkwaardigheid in dit geval ook tot geloofwaardigheid? Het kan wel de wens zijn, maar gaat het op deze wijze ook functioneren? Een sociaaldemocratische partij kan wel een groene agenda hebben, maar een groene partij is niet automatisch sociaaldemocratisch. Het resultaat van deze fusie is vooral een compromis op basis van een doelredenering, maar daarmee is het nog geen logische of rationele uitkomst. Met de keuze van een dubbele grondslag – een tweekoppige doelstelling - ontstaat een mengeling van ongelijksoortige zaken. Het leidt tot een partij met een hybride karakter en daarmee tot een potentiële bron van verwarring en tegenstelling. En dat is wat juist vermeden moet worden. Bij belangrijke kwesties zal steeds de vraag zijn, leidt de uitkomst tot meer bestaanszekerheid of wordt meer prioriteit aan klimaat en groen gegeven. In een samenleving die steeds heterogener wordt en met scherpe tegenstellingen tussen sociale klassen is meer dan ooit behoefte aan politiek op basis van eenduidigheid en heldere morele maatstaven. Het voorliggende beginselprogramma kent een hoog gehalte “feel good”, het is een lauw bad. Pijnlijk duidelijk wordt dat reeds nu duidelijk als de keuze moet worden gemaakt voor de aansluiting bij een politieke groepering op Europees niveau. Die onvermijdelijke keuze wordt niet gemaakt, maar vooruitgeschoven. Het zal niet het laatste voorbeeld zijn.
De bron van bestaanszekerheid. Hoe en waarmee gaan we in de toekomst ons brood verdienen? Dat gaat in de eerste plaats over het beteugelen van het marktliberalisme. En strijd tegen de versplintering van een rechtsorde van de arbeid. Welke plaats krijgen thema’s als bestaanszekerheid, eerlijke verdeling van inkomen en vermogen? En arbeid als sleutel voor de verdeling van de welvaart. Maar ook over een veerkrachtige, innoverende en sterke economie. De aandacht voor deze thema’s is in het nieuwe beginselprogramma beperkt en eigenlijk komen er ook geen nieuwe ideeën. De tekst gaat eerder over wat in de economie niet meer kan of moet. Maar we zijn toe aan een nieuwe fase van democratisering van de economie, waarin het brede welvaartsbegrip centraal staat en een economie dienstbaar is aan de gemeenschap en niet andersom. Veilig, waardig werk met meer zeggenschap en een redelijk aandeel voor de werkenden in de groei van het vermogen van hun onderneming. De gevolgen van AI voor de samenleving blijven buiten beeld, evenals de onzekerheid daarvan voor de arbeidsmarkt. Met andere woorden “waar is arbeid “gebleven? Een sterke economie is bovendien de noodzakelijke basis voor een kwalitatief hoogwaardige verzorgingsstaat en ook een voorwaarde voor een krachtig ecologisch beleid.
In het beginselprogramma is veel aandacht voor solidariteit en een inventarisatie van veel wensen. Maar het noodzakelijke complement van solidariteit, namelijk de garantieformule van wederkerigheid komt niet aan de orde. Vanuit een sociaaldemocratisch gezichtspunt gezien hebben we plichten, want we hebben rechten. De verzorgingsstaat is na de Tweede Wereldoorlog in driekwart eeuw opgebouwd met grote offers van de massa. Juist die bereidheid heeft geleid tot een buitengewoon dierbaar stelsel van voorzieningen, een waarborg voor de oude dag, werkloosheid, ziekte en arbeidsongeschiktheid. De verzorgingsstaat is nationaal erfgoed, de basis voor meer vrijheid en onafhankelijkheid. De houdbaarheid van de verzorgingsstaat zal in de komende tijd opnieuw hoog op de agenda staan. Natuurlijk kan er ingezet worden op een extra bijdrage van de rijken en zeer winstgevende bedrijven. Maar die bron is niet onuitputtelijk. In het beginselprogramma worden we niet duidelijk voorbereid op wat ons in de toekomst staat te wachten. Namelijk opnieuw zal van ons allen de bereidheid gevraagd worden tot grote offers om de kern van de verzorgingsstaat overeind te houden. Daar ligt de geloofwaardigheid.
De keuze voor deze nieuwe partij is het begin van het einde van de sociaaldemocratische beweging in Nederland. Daar wordt alleen nog vanuit de verleden tijd naar verwezen. Een ontwikkeling die niet zonder gevolgen voor de Nederlandse politiek zal zijn. Mijn conclusie: ik blijf - na 68 jaar lidmaatschap - bij de PvdA zolang deze partij bestaat. Maar op de dag dat de PvdA wordt opgeheven en deel wordt van de voorgestelde nieuwe partij verzoek ik je om mij uit te schrijven.
Vriendelijke groet,
Wim Meijer
Lidmaatschapsnummer 70891